In 1688 werd tussen het bastion Oud-Molen en de binnenhaven het Groot Arsenaal gebouwd. Later, in 1728, werd het gebouw uitgebreid met een dwars daarop staand gebouw: het Klein Arsenaal.
Het Arsenaal diende lange tijd als wapenmagazijn en opslag van andere militaire goederen: van noodrantsoenen tot complete bruggen.
Het plein naast het Arsenaal was ingericht als kogelpark, met rekken vol kanonskogels.
In de Eerste Wereloorlog diende het gebouw als kazerne voor de infanteriebezettig van de vesting en voor de hospitaalsoldaten en ziekendragers van het achter het Arsenaal gelegen bomvrije hospitaal.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het Arsenaal door de Duitse bezetting gebruikt als paardenmanege en autowerkplaats.
Na de oorlog werd het gebouw van 1945 tot 1947 gebruikt door het Directoraat-Generaal voor Bijzondere Rechtspleging. Deze dienst was verantwoordelijk voor de oorlogsmisdadigers die achter het Arsenaal in de kazerne Oud Molen waren ondergebracht. De firma Jongerius richtte in het Arsenaal een werkplaats in, waar gedetineerden onder haar toezicht militaire vrachtwagens en motoren herstelden. Deze waren bestemd voor dienst in het toenmalige Nederlands-Indië.
In 1950 kreeg het Arsenaal een nieuwe bestemming als depot voor topografische kaarten.
Op 22 november 1954 brak er brand uit; het gebouw brandde volledig uit. Alleen het Klein Arsenaal bleef behouden.
In 1958 – 1959 werd het gebouw hersteld en gerestaureerd. Gespaard gebleven oude eiken en grenen balken werden hergebruikt.
Na de restauratie bleef het gebouw nog tot eind 1986 in militair gebruik.
Sinds 1993 vindt u hier het Design Centrum van Jan des Bouvrie. Hij heeft het complex ingericht met expositiezalen, winkels en restaurants.
(Bron: Gids voor de Vestingwerken, David Kips)
Het Arsenaal diende lange tijd als wapenmagazijn en opslag van andere militaire goederen: van noodrantsoenen tot complete bruggen.
Het plein naast het Arsenaal was ingericht als kogelpark, met rekken vol kanonskogels.
In de Eerste Wereloorlog diende het gebouw als kazerne voor de infanteriebezettig van de vesting en voor de hospitaalsoldaten en ziekendragers van het achter het Arsenaal gelegen bomvrije hospitaal.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het Arsenaal door de Duitse bezetting gebruikt als paardenmanege en autowerkplaats.
Na de oorlog werd het gebouw van 1945 tot 1947 gebruikt door het Directoraat-Generaal voor Bijzondere Rechtspleging. Deze dienst was verantwoordelijk voor de oorlogsmisdadigers die achter het Arsenaal in de kazerne Oud Molen waren ondergebracht. De firma Jongerius richtte in het Arsenaal een werkplaats in, waar gedetineerden onder haar toezicht militaire vrachtwagens en motoren herstelden. Deze waren bestemd voor dienst in het toenmalige Nederlands-Indië.
In 1950 kreeg het Arsenaal een nieuwe bestemming als depot voor topografische kaarten.
Op 22 november 1954 brak er brand uit; het gebouw brandde volledig uit. Alleen het Klein Arsenaal bleef behouden.
In 1958 – 1959 werd het gebouw hersteld en gerestaureerd. Gespaard gebleven oude eiken en grenen balken werden hergebruikt.
Na de restauratie bleef het gebouw nog tot eind 1986 in militair gebruik.
Sinds 1993 vindt u hier het Design Centrum van Jan des Bouvrie. Hij heeft het complex ingericht met expositiezalen, winkels en restaurants.
(Bron: Gids voor de Vestingwerken, David Kips)
